Cassandra & Lijfgoed
Een vak, een bedrijf en een manier van lesgeven die onderweg zijn ontstaan
Als je mij vroeger had verteld dat ik ooit mijn eigen lingerieopleiding zou hebben, had ik je waarschijnlijk vreemd aangekeken.
Mijn weg naar Lijfgoed begon namelijk niet met een ondernemersplan of de droom om ooit een lingerieschool te beginnen.
Eerder met blijven proberen, nieuwsgierig zijn en soms gewoon kijken wat er gebeurde.
Wat wist ik nou?
Ik heb ooit op de modeacademie gezeten, maar die moest ik verlaten.
Toch bleef ik naaien. Niet groots en meeslepend en al helemaal niet met een enorme wowfactor.
Ik gaf zelfs vriendinnen les.
Mijn moeder vond dat nogal belachelijk.
Want wat wist ik nou?
Nou ja. Blijkbaar genoeg om ermee te beginnen. 😄
In het Madonna-tijdperk was ik ondertussen schoudervullingen aan het verbouwen tot cups voor een bustier.
Jaja.
Er moest ergens begonnen worden.
Lingerie en ik hadden niet meteen een romantische relatie
Ik was een lange, dunne bonenstaak met, zoals ik het zelf noemde, twee spiegeleieren op een plankje.
Ik herinner me dat ik met mijn moeder aan het winkelen was en zij bij lingerie zei:
“Dat heeft voor jou helemaal geen zin.”
Van dat moment weet ik niet meer ieder detail.
De afwijzing die ik voelde, herinner ik me wel.
Net zoals ik me herinner dat ik op een surfplank stond en werd nageroepen:
“Ben je nou een meisje of een jongen?”
Dat zijn ervaringen uit mijn leven.
Ik ga daar achteraf geen keurige verklaring van maken waarom lingerie uiteindelijk mijn vak werd.
Misschien zou dat een mooi verhaal opleveren.
Maar ik weet het gewoon niet.
Toen hing daar een aanplakbiljet
In de stad waar ik woonde hing op een gegeven moment een aanplakbiljet voor een cursus lingerie maken.
Ik ging.
Dat was mijn eerste echte lingerienaailes.
Niet lang daarna deed ik, met weinig meer kennis dan die beginnerscursus, mee aan een lingeriewedstrijd.
Ik werd tweede.
Achteraf vind ik dat nog steeds bijzonder.
Want als leerling had ik niet bepaald een geschiedenis waaruit je onmiddellijk zou voorspellen dat ik later zelf opleidingen zou gaan geven.
Rekenen was vroeger een drama. Tafels en klokkijken begreep ik veel later dan andere kinderen. Op de mavo zakte ik voor vijf vakken, waaronder wiskunde, natuurkunde en scheikunde.
Het beeld dat cijfers en leren niets voor mij waren, lag behoorlijk voor de hand.
Alleen bleek mijn verdere leven zich daar niet helemaal aan te houden.
Later volgde ik opleidingen bij Schoevers, deed ik de MEAO en boekhoudkundige opleidingen en ontdekte ik dat ik commerciële economie gewoon begreep.
Ik werkte onder andere in sales, crediteuren- en debiteurenadministratie en uiteindelijk als senior collector.
Nog later volgde ik de opleiding activiteitenbegeleiding, die ik bijna cum laude afrondde.
Wat zegt dat precies?
Geen idee.
Maar het heeft me wel voorzichtig gemaakt met uitspraken als:
“Ik kan dit niet.”
Misschien kun je iets inderdaad niet.
Misschien kun je het nog niet.
Misschien begrijp je de uitleg niet.
Misschien heb je iets anders nodig om te kunnen leren.
Of misschien blijkt later dat iets waarvan je dacht dat het niets voor jou was, je eigenlijk best goed ligt.
Van mijn eerste body naar jarenlang maatwerk
Tijdens mijn opleiding activiteitenbegeleiding had ik een docent die tango danste.
Voor haar maakte ik mijn eerste echte maatwerk: een body. Ze was ongeveer 1,50 meter lang en een standaardoplossing werkte niet zomaar voor haar lichaam.
Daarna mocht ik voor haar en haar man ongeveer twee jaar lang iedere schoolvakantie lingerie maken.
Hij stuurde plaatjes.
Of ik bijvoorbeeld iets van het ene ontwerp kon combineren met iets van een ander ontwerp.
Voor zijn Anna.
Ik vond hen een prachtig, liefdevol en passievol echtpaar.
En ondertussen leerde ik ontzettend veel over meten, patronen, materialen, pasvorm en maatwerk.
Tijdens mijn werk in de revalidatie zag ik bovendien situaties waarin bestaande lingerie niet altijd voldeed. Ook daar begon ik lingerie te maken en aan te passen.
Vanaf 1999 maakte ik maatwerk.
Dat ben ik blijven doen tot 2021.
Toen kreeg ik het simpelweg niet meer gecombineerd met alles wat Lijfgoed inmiddels was geworden.
En toen werd ik docent
De vrouw bij wie destijds de lingeriewedstrijd was gehouden, was inmiddels weduwe geworden.
Ik woonde vlakbij en toen ik dat hoorde, wilde ik haar mijn steun betuigen.
Ik ging bij haar langs.
Tijdens dat contact vroeg ze of ik bij haar lingerielessen wilde komen geven.
Samen met Chiel heb ik eerst de boel opgeruimd en schoongemaakt en vanaf 2005 gaf ik daar les.
Tot ik op een dag weer huilend thuiskwam.
Chiel vond het mooi geweest.
“Nu is het klaar. Nu ga je voor jezelf beginnen.”
En soms begint een onderneming blijkbaar gewoon zo. 😄
Lijfgoed werd geboren
Lijfgoed groeide verder.
In 2010 kwam Laura erbij en ging ze steeds meer uren werken. Later kwamen er meer mensen bij die ieder op hun eigen manier iets toevoegden aan Lijfgoed. Sommigen van hen waren ooit zelf als leerling bij mij begonnen.
Dat vind ik achteraf eigenlijk wel bijzonder. Mensen kwamen om het vak te leren en gingen later zelf meedenken, helpen en hun eigen kwaliteiten inzetten binnen Lijfgoed.
Ook leerlingen die nooit onderdeel werden van het team hebben Lijfgoed mee gevormd. Door hun vragen. Door iets niet te begrijpen wat voor mij volkomen logisch leek. Door fouten te maken, oplossingen te vinden of ineens te zeggen: “Cass, maar waarom doen we dit eigenlijk zo?”
Daardoor veranderden mijn uitleg, tekeningen, oefeningen en soms ook mijn eigen ideeën.
Lijfgoed is mijn bedrijf, maar ik heb het niet alleen gebouwd.
In 2012 lanceerden we de webshop.
In datzelfde jaar volgde ik een ondernemersopleiding. Daardoor kwam er meer structuur in mijn lesaanbod. Uiteindelijk ontstond de opbouw in vier modules en later de volledige lingerieopleiding.
In 2016 paste Lijfgoed letterlijk niet meer in zijn jasje en verhuisde ik naar een groter pand.
En ondertussen bleef ik zelf ook leren.
Mijn manier van lesgeven is niet op een middag bedacht
Ik was altijd al een graver.
Mijn opleiding activiteitenbegeleiding heeft dingen toegevoegd. Mijn ondernemersopleiding bracht structuur. Later volgde ik NLP en ook daar nam ik dingen uit mee.
Maar ik heb nooit op een dag besloten:
Zo. Vanaf vandaag heb ik een lesmethode.
Het is gaandeweg bij elkaar gekomen.
En vooral door heel veel uren les te geven.
Ik registreer veel.
Een zucht. Een blik. Een stilte. De woorden die iemand gebruikt. Iemand die onmiddellijk om hulp vraagt. Of iemand die blijft proberen.
Maar dat ik iets registreer, betekent niet automatisch dat ik weet wat het betekent.
Misschien betekent het helemaal niets waar ik iets mee hoef.
Misschien moet ik iets opnieuw voordoen.
Misschien werkt mijn uitleg voor jou gewoon niet.
En soms stel ik een vraag:
“Wat heb jij nodig om te leren?”
Of:
“Wat zie je gebeuren?”
Ik geef ook gewoon antwoorden. Natuurlijk.
Maar als ik altijd naast je blijf zitten en vertel wat je moet doen, leer je vooral hoe je iets moet doen zolang Cassandra erbij zit.
Dat lijkt me niet helemaal de bedoeling van een vakopleiding. 😄
Dus soms zeg ik:
Begin en ervaar.
Probeer het.
Kijk wat er gebeurt.
Werkt het? Mooi.
Werkt het niet?
Ook informatie.
Dan hebben we iets om naar te kijken.
Als het niet bestaat, dan maken we het toch?
Toen de opleiding steeds professioneler werd, kwam ook de vraag naar een diploma en een erkend examen.
Zelf ben ik eerlijk gezegd nogal wars van diploma’s.
Een papiertje vertelt mij niet automatisch of iemand het vak werkelijk beheerst.
Maar leerlingen vroegen er wel om.
Alleen bestond er voor mijn vak geen bestaande examenstructuur waarbij ik mij simpelweg kon aansluiten.
En tja…
Als het er niet is, dan gaan we toch kijken of we het kunnen maken?
Zo kwam ik bij MODINT terecht.
Ik legde mijn manier van examineren en beoordelen voor: hoe ik het examen wilde afnemen, waarop beoordeeld werd en wat iemand moest laten zien en beheersen.
Dat werd niet zomaar goedgekeurd.
Ik heb de opzet steeds aangepast en verbeterd, totdat MODINT goedkeuring gaf.
Sindsdien mag ik volgens MODINT een erkend examen afnemen en werk ik nog steeds met die manier van beoordelen.
Maar ook mét een erkend examen blijft een diploma voor mij niet hetzelfde als vakmanschap.
Wat ik belangrijker vind dan een papiertje
Je hoeft bij Lijfgoed niet binnen te komen terwijl je alles al kunt.
Daarvoor kom je juist leren.
Wat voor mij veel belangrijker is, zijn bereidheid en volhardendheid.
Bereidheid om te leren. Om te kijken. Om te oefenen. Om iets nog een keer te proberen. Om feedback op je werk te ontvangen en te onderzoeken wat je ermee kunt.
En volhardendheid wanneer iets niet onmiddellijk lukt.
Niet omdat iedereen alles kan als je maar hard genoeg je best doet.
Dat weet ik helemaal niet.
Maar wat je vandaag nog niet kunt, vertelt ook niet automatisch wat je uiteindelijk zou kunnen leren.
Bereidheid en volhardendheid geven ruimte om te groeien in het vak.
Ik leid vakmensen op
Ik hou van mooi gemaakte lingerie.
En ja, ik kan kritisch zijn.
Draai een bh maar binnenstebuiten. Ook daar wil ik kunnen zien dat je begrijpt wat je doet.
Maar:
dit werk kan beter
is iets anders dan:
jij bent hier niet goed in.
Achter iedere naaimachine zit tenslotte nog steeds een mens.
En die mens neemt zichzelf mee.
Misschien kom je tijdens het leren iets bij jezelf tegen. Misschien merk je iets op waarvan je je eerder niet bewust was.
Misschien helemaal niet.
Misschien zit je gewoon een heerlijke dag lingerie te maken.
Ook goed.
Het is niet mijn werk om voor jou te bepalen wat jouw ervaringen betekenen.
Mijn werk is jou het vak te leren en omstandigheden te creëren waarin jij steeds zelfstandiger kunt leren kijken, begrijpen en werken.
Tot je mij steeds minder nodig hebt.
Ik leid vakmensen op. En die vakmensen nemen zichzelf mee.